Riolering in Nederland




Historie

Riolering is al bekend uit de romeinse tijd waar het woord riolering (rivulus) ook vandaan komt. In Nederland is pas rond 1900 serieus werk gemaakt van het aanleggen van kilometerslange riolering. De reden hiervoor is dat bij een beperkt aantal inwoners, die in het waterrijke Nederland altijd dicht bij rivier, gracht of sloot woonden, er weinig noodzaak was. Met de bevolkingsgroei vanaf 1900 werd ook het waterleidingnet aangelegd en werden wegen verhard.

Deze 3 factoren zorgden er voor dat er een logistiek systeem moest ontstaan wat zonder veel overlast (stankscherm voor de geur en onder de grond voor het zicht) het afvalwater moest afvoeren; de riolering. Het slootje kreeg hierdoor wel erg veel afvalwater voor de kiezen waardoor uiteindelijk de riolering naar grotere rivieren werd geleid met later nog de tussenkomst van waterzuiveringsinrichtingen. De noodzaak is niet alleen gelegen in de sfeer van water- en stankoverlast maar heeft ook een hygiënische grondslag, zonder riolering zou de kans op allerlei ziekten cq epidemieën onacceptabel hoog zijn.

Met name in de naoorlogse periode (1945-1980) is er naast veel woningbouw ook erg veel riolering aangelegd, volgens Rioned bedraagt de gezamenlijke lengte van de hoofdriolering in Nederland 86.000 km. Doordat veel riolering in een periode is aangelegd waarbij het belangrijker was dat er wat kwam dan dat de kwaliteit van belang was, zijn er al kilometers vervangen uit die periode.

Om het aantal huishoudens dat op de waterzuivering is aangesloten te vergroten en daarmee de waterkwaliteit van ons oppervlaktewater te verbeteren is er een aantal jaren (1980-1985) sprake geweest van een subsidie op de aanleg van drukriolering, de verdichtingsregeling. Met pompen en kleinere leidingen (goedkoper) werden ook panden buiten de bebouwde kom gerioleerd.

Rond 1985 werd de noodklok geluid, de inspectietechnieken waren in opkomst en de riolering in Nederland stond op instorten. Vanuit het ministerie kregen gemeenten nadrukkelijk de taak invulling te geven aan het beheren van de rioolstelsels. Om te voorkomen dat de gemeente- politiek het geld in een zwembad investeerde in plaats van in het beheren van de riolering is het zogenaamde “rioolrecht” ingevoerd en moest de gemeente ook een Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP) opstellen. Ondertussen is structureel werk gemaakt van het onderhouden van het stelsel en zijn ook de prioriteiten voor de vervangingen veelal bekend. De noodklok is stil, het beeld vanuit de eerste inspecties was ook niet altijd representatief, vaak werd eerst geïnspecteerd waar men problemen vermoedde.

Vanaf ca. 1990 kwam het besef dat de riolering bij fikse regenbuien vaak vol zat en alsnog via een zogenaamde overstorten het afvalwater dat niet verwerkt kon worden op de sloot loosde. Vissterfte en verhalen over zieke koeien zorgde voor capaciteitseisen aan rioleringsstelsel en het ontstaan van BBB’s. BBB staat voor bergbezinkbasin, zo’n bak zorgt voor extra buffercapaciteit en bezinking van zware verontreiniging. Met klimaatveranderingen hebben we tot op de dag van vandaag nog steeds last van overstorten of water op straat bij forse regenval, riolering is praktisch onmogelijk op iedere regenbui te dimensioneren.

Vanuit de waterschappen kwam ca. 1995 vaker berichten dat het grondwater te laag was en de bodem verdroogde. Vanuit deze problematiek en de problemen met overstorten wordt nu gepoogd het schone regenwater niet via de kostbare riolering naar een kostbare waterzuivering te leiden. Een gescheiden stelsel en later een verbeterd gescheiden stelsel doen steeds vaker hun intrede in nieuwe en bestaande woonwijken. Afkoppelen wordt de trend, daar waar kan het regenwater via lekke buizen, kratten of in de wijk gecreëerde WADI’s (Water Afvoer Drainage Infiltratie) weer in de grond laten treden.

De uitgaven aan riolering zijn door alle maatregelen gegroeid naar 1,2 miljard per jaar. Dit zijn in principe instandhoudingskosten omdat de groei in km zeer beperkt is. De totale vervangingswaarde van de riolering is in een eeuw van praktisch 0 gegroeid naar bijna 50 miljard euro. De kwaliteit van het oppevlaktewater, de leefkwaliteit en de beheersbaarheid van riolering zijn vanaf 1900 wel sterk verbeterd.

Als laatste krachttoer valt nog de installaties van IBA’s (Individuele Behandeling Afvalwater) te melden. In 2005 moeten alle 260.000 mensen die in 2001 nog niet op de riolering waren aangesloten dit alsnog realiseren. Een mini-zuivering wat een IBA feitelijk is, is vaak een goed alternatief. Als deze 1,65 % ook via een vorm van zuivering het afvalwater loost is Nederland klaar. Dit in tegenstelling tot onze buurlanden uit de Europese Unie, de hoofdstad van Europa Brussel loost met 1 miljoen inwoners nog steeds ongezuiverd afvalwater op het riviertje de Zenne.


Kengetallen
Woningen en bewoners
  • ca. 6,6 miljoen woningen met ca. 50 m’ riolering: 330.000 km
  • ca. 3 miljoen woningen zijn eigendom van 831 woningbouw- verenigingen of –stichtingen.
  • 16 miljoen mensen lozen gemiddeld ca. 120 liter afvalwater per dag op de riolering. Dit is 700 miljoen m3 per jaar, maar slechts 1/3 van de totaal gezuiverde hoeveelheid afvalwater.


Bedrijven

  • Riolering op bedrijfslocaties is naar schatting ca. 200.000 km.


Gemeenten

  • Hoofdriolering in Nederland (Rioned): 86.452 km.
  • Er zijn 572 gemeenten die de zorgplicht hebben voor de hoofdriolering.
  • In 1985: 1,16 miljoen mensen niet aangesloten op riolering
  • In 2001: 0,26 miljoen (1,65 %)
  • Instandhoudingskosten riolering bij gemeenten € 1,17 miljard/jaar
  • Vervangingswaarde € 47 miljard.
  • Onderhoud riolering beslaat ca. € 59 miljoen per jaar


Zuivering

  • 393 RWZI tbv zuivering 25 miljoen inwonerequivalenten (i.e.)
  • Gezuiverd afvalwater per jaar bedraagt 1,9 miljard m3.

Het Riool in Cijfers

Riool in Cijfers brengt de rioleringszorg met kengetallen in kaart. U vindt gegevens over rioolrecht per gemeenteklasse en een cumulatief overzicht. Of een historisch overzicht van baten en lasten. Ook kosten van aanleg en vervanging en prijsindexcijfers zijn opgenomen. Daarnaast vindt u een cijfermatig overzicht van de stand van zaken op verschillende beleidsterreinen. Bekijk hier de riool cijfers 2002-2003 van Rioned of hier voor de riool cijfers 2005-2006.